Leeuwarden


Ik moest voor een treffen in Leeuwarden zijn, en belandde op de terug weg naar het station op het Zaailand.

 
Wat is dat mooi geworden. Wat maakt dat uit voor een stad: kwaliteit! Met dank aan architect Bonnema, die de stad na zijn dood miljoenen naliet, op voorwaarde dat het gebruikt zou worden voor een nieuw museum op deze plek. Met dank aan de bestuurders die, al het gebruikelijk gedoe ten spijt, het plan durfde door te zetten. Martin Sommer droeg zaterdag in zijn wekelijkse Volkskrant column aan de rand van de bouwput van het Groninger Forum het wethoudersocialisme ten grave en verklaart en passant het succes van stadspartijen: ‘Die binden de strijd aan met het establishment. In die zin is de lokale politieke versplintering met overal partijen als Gemeentebelangen een goede zaak: zij houden al te drieste plannen tegen.’  Een populair standpunt. Maar zonder de kracht van  wethouders als Ypke  Gietema en het uithoudingsvermogen van museum directeuren als  Frans Haks was het nieuwe Groninger museum, ook in economische zin een van de tophits van de stad,  er nooit gekomen. Had ook het Zaailand in Leeuwarden er nog kaal en provinciaals bij gelegen. Als bestuurders op hun handen gaan zitten omdat ze principieel van mening zijn dat  burgers alles maar met elkaar uit moeten middelen, krijg je als uiteindelijke  uitkomst ook middelmatige dorpen en steden. Het is maar zeer de vraag of de mensen die in deze dorpen en steden wonen daar op termijn nou echt gelukkig van worden. Dacht ik in de bus, op weg naar Alkmaar.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Puzzelen

Europa

Ministeriële ontheffing