week 10, Kindercarrousel
Op deze plek iedere week een column. Deze week over lange tenen, tijdelijkheidjes en een kindercarrousel.
Wanneer je mijn politieke jaren in Zwolle en Alkmaar bij elkaar optelt ben ik ruim zeven jaar fractievoorzitter geweest. In Zwolle telde de fractie acht mensen, na de verkiezingen negen. In Alkmaar waren het er elf. Een fractievoorzitter is naast manager van een kruiwagen met kikkers als je niet uitkijkt al snel het draaipunt van problemen en frustraties. Collegeleden die zich beklagen over te kritische of niet functionerende fractieleden, fractieleden die zich beklagen over een star college, het afdelingsbestuur dat per definitie en niet eens onterecht klaagt over te weinig ‘smoel’. Er staat binnen een politieke partij en zeker binnen de PvdA altijd wel iemand op andermans tenen en het wordt gezien als de taak van de fractievoorzitter om er voor te zorgen dat die tenen bevrijd worden voordat er publiekelijk al te hard ‘au’ geroepen wordt. Als fractievoorzitter in Zwolle was de klus nog redelijk te behappen. Maar ook de politieke wereld draait sneller en sneller. Je zou het bijna vergeten, maar halverwege de jaren negentig was er nog nauwelijks email. In 1998 was ik een van de eersten met een mobile telefoon. Als op vrijdag de post was geweest, lag het politieke bedrijf tot zondagavond - de traditionele bel avond- stil. Het emailverkeer en de mobile telefoon gaat vandaag de dag daarentegen altijd door. En dan hebben we het nog niet over social media als Hyves, Twitter en Facebook. De politieke machine draait volcontinu en je kunt het je als fractievoorzitter nauwelijks permitteren daar niet aan mee te doen. Al dat bellen, mailen, redderen, leidt als het goed is tot het voorkomen en wegpoetsen van fouten. Niet onbelangrijk. Om met CDA spin-doctor Jack de Vries te spreken: ‘Wanneer je de nul weet te houden zit de helft van de wedstrijd al in de pocket’. Maar het gevaar ligt op de loer. Eberhard van der Laan zei ooit bij zijn afscheid als fractievoorzitter van de PvdA Amsterdam: "Als je je te lang zo druk met politiek bezighoudt, verschraal je als een gek. Niet meer naar een museum. Veel te kort slapen… Ik wil niet klagen, maar dat is slechts zekere tijd vol te houden." Geert Mak in de Volkskrant: 'De Haagse politiek, de Amsterdamse grachtengordel: het zijn draaikolken. Daarin kun je je hele leven doorbrengen met niks, met veel schuim, tijdelijkheidjes en modetjes. In de illusie dat je vreselijk belangrijke dingen beleeft, terwijl je eigenlijk geen barst meemaakt’ En in zijn boek De engel van Amsterdam: ‘Steeds vaker maken politieke debatten de indruk van een kindercarrousel op de kermis: een draaimolen vol met kinderen in brandweerautootjes, die dapper draaiend aan hun loze stuurtjes in de ronde wentelen.’ Wijze woorden voor zich zelf voorbijlopende partijtijgers. Een politicus verwordt tot een armzalige figuur als hij niet verder komt dan het managen van de waan van de dag. Er moet tijd zijn om te leren, verhalen te horen. Om simpelweg voor het raam te staan en na te denken.
Reacties
Een reactie posten